17: Bekentenis

De auteur is bekend bij de redactie

Het was 1974. Ik was zestien jaar. Sinds een aantal weken paste ik op bij familie B als ze naar zangkoorrepetitie gingen. Het was een gezin waar je je welkom voelde. Waar ik graag kwam.

Broeder B. bracht me elke maandagavond na afloop thuis. Dan fietste hij naast me en vroeg honderduit. Hij maakte grapjes en liet me lachen. Dat deed hij altijd. En op de hoek van de straat waar ik woonde stopten we. Dan draaide hij om en zei wel thuis. Maar op een keer deed hij dat niet. Toen bleef hij staan en legde zijn hand op mijn stuur zodat ik niet weg kon. En zomaar uit het niets gaf hij een kus op mijn mond. Daarna zei hij dat hij me lief vond. Ik schrok me kapot. Kreeg het bloedheet. Misschien zag hij mijn schrik. Want ineens zei hij dat ik hem uitgedaagd had en dat hij had gezien dat ik het ook wilde. Ik kreeg pijn in mijn buik. Mijn hart bonkte in mijn keel. Ik had nooit geleerd om nee te zeggen en hield mijn mond. Ik durfde niet tegen hem in te gaan.

Niemand zou me geloven

Hij zei dat ik het aan niemand mocht vertellen, omdat niemand me zou geloven. Ik moest vooral gewoon blijven doen en gewoon blijven oppassen. Dan had niemand het door. Het zou mijn schuld zijn als zijn vrouw erachter kwam. Daarna fietste hij weg. Ik was compleet in de war. Voelde me raar, ongemakkelijk en heel erg schuldig. Ik wist niets van het leven. Niets van de wereld. En ik wist helemaal niet wat ik ermee aan moest. Dus zweeg ik. Ik weet nog dat ik heel lang in het donker in de achtertuin heb staan wachten voordat ik naar binnenging.

Ik wilde niet meer naar de dienst en ook niet meer oppassen. Maar ik moest, want niemand zou me geloven als ik zou vertellen wat er was gebeurd en waarom ik niet meer wilde.

Schaamte, schuld en spijt

Die week daarop ging ik met lood in mijn schoenen naar familie B om op te passen. Dit keer nam hij me na afloop mee naar de kelderbox waar ik hem zijn gang heb laten gaan.

Nog steeds als ik hieraan terugdenk word ik overvallen door diepe schaamte, schuld en spijt. Schuld omdat ik wist dat het fout was. Schaamte omdat ik me vastklampte aan iemand die zei dat hij me lief vond. Spijt omdat er geen weg terug was.

Een geheime plek

Kort daarna kwamen de briefjes. Ik vond ze in mijn jaszak als ik uit meisjeskoor of uit de kring kwam. Briefjes met volwassen teksten. Liefdesverklaringen van broeder B. Hij hield van me. Met een rood hoofd verfrommelde ik ze en gooide ze buiten weg voordat ik thuis was. Maar er gebeurde meer. Soms zag ik hem bij mijn school staan. Dan keek hij alleen maar. Soms stond hij ook vlak bij ons huis. Ik wist nooit waar en wanneer hij ergens stond. Ik was altijd op mijn hoede. Als de dood dat mijn ouders hem zouden zien of dat iemand uit mijn klas zou vragen wie die man was. Ik kon er met niemand over praten. Niet met mijn vriendinnen en met mijn ouders al helemaal niet. Bij ons thuis werd niet gepraat. Niet echt. Het ging alleen maar over het weer. Over het nieuws. Over het gebouw en hoe fijn het in de dienst allemaal was.

Mijn vader zag ik nauwelijks. Naast zijn drukke baan was hij zeven dagen van de week in het gebouw te vinden. Voor het Godswerk in de weer. De zorg voor zijn kinderen liet hij aan mijn moeder over. Een psychisch zieke vrouw die alleen maar met zichzelf bezig was en haar idiote spelletjes op haar kinderen botvierde. Ook dat had niemand in de gaten, want mijn moeder was in de dienst een aardige zuster die voor iedereen klaarstond, die altijd kaartjes stuurde.

De buitenkant leek perfect. De binnenkant zag niemand. Dus propte ik mijn angst, mijn eenzaamheid en mijn geheim diep weg. Op een plek waar niemand kon komen.

Flarden en fragmenten

Elke zondag ging ik naar de dienst waar ik broeder B zag. Waar ik zijn vrouw en kinderen tegenkwam. Waar ik toneelspeelde. Elke maandagavond ging ik gewoon oppassen. Week na week. Maand na maand. Ik had een verhouding met een getrouwde man. Uit die periode ben ik veel vergeten. Herinner ik me alleen flarden. Fragmenten waar ik absoluut niet trots op ben.

Mijn laatste oppasavond ben ik echter nooit vergeten. Het staat in mijn geheugen gegrift.

Zuster B zat huilend op de bank toen ik de kamer binnenkwam. Mijn hart roffelde als een gek. Ik voelde me misselijk en duizelig. Ze zei dat ik er niets aan kon doen, maar dat ik maar beter weer kon gaan. Ik hoefde niet meer op te passen. Broeder B stond met zijn handen in zijn zakken naast haar. Hij keek me niet aan toen hij zei dat ze de volgende dag naar de herder zouden gaan. Zijn vrouw was erachter gekomen. Even later fietste ik alleen door het donker naar huis. Nu zouden ze gaan scheiden en het was mijn schuld. Ik was net zeventien jaar en jankte de ogen uit mijn kop.

Doodsbang

De volgende avond, na meisjeskoor, kwam een broeder naar me toe die zei dat de herder met me wilde praten. Hij wachtte op mij in de spreekkamer. Mijn beste vriendin maakte een grapje en vroeg plagerig of ik op het matje moest komen. Zij wist niet hoe dicht ze bij de waarheid was. En ik vertelde het haar niet. Ik verzon dat ik me op ging geven om op te passen bij de kleuters. Daarvoor moest je ten slotte naar de herder.

Daar stond ik dan. In het kamertje. Doodsbang en met knikkende knieën. De herder vroeg of ik wist waarom hij mij had laten komen. Ik wist het. Hij zei dat ik niet meer naar die familie toe mocht. Geen contact meer. Dat snapte ik toch wel? Na wat ik had gedaan? Ik knikte.

De herder wilde de oudste inlichten. Hij vond het namelijk een zeer ernstige kwestie. Ik schrok zo erg en was zo bang. De oudste was bevriend met mijn vader. Ik wilde niet dat mijn vader erachter kwam. En mijn moeder al helemaal niet. Ik wilde dat niemand erachter kwam. Maar daarvoor was het te laat. Ik voelde me ziek. Doodziek. De herder keek me aan en zei dat het mijn eigen schuld was. De blik in zijn ogen ben ik nooit meer vergeten. Minachtend. Ik voelde me helemaal niets meer waard.

Leugens en bedrog

Die week daarop zat ik tegenover de oudste en kreeg ik de wind van voren. Of ik wel wist wat ik had aangericht. Wat voor verdriet ik had veroorzaakt bij die zuster. Waar ik mee bezig was. Foei! Ik had me in een huwelijk gemengd. Met een man die ruim twintig jaar ouder was dan ik. Wat zouden mijn ouders er wel niet van vinden dat ze zo’n dochter hadden. Een afgelikte boterham. Geen jongen wilde me straks nog hebben.

Met dichtgeknepen keel hoorde ik het allemaal aan. Mijn ouders wisten nog steeds van niets. Eerst had ik al moeten liegen waarom ik niet meer ging oppassen. (te veel huiswerk). En nu dachten ze dat ik een gesprek had over de voorbereiding voor de confirmatie. Allemaal leugens en bedrog.

Ik vroeg aan de oudste of hij het niet aan mijn ouders wilde vertellen. Mijn moeder zou door het lint gaan als ze het hoorde en ik zou weken of misschien wel maanden geen leven hebben thuis.

De oudste stemde ermee in. Onder één voorwaarde. Ik moest de apostel schrijven en vertellen wat ik had gedaan.

Alles voor de lieve vrede

En dat deed ik. Ik deed alles wat de oudste vroeg. Alles om van dat rotgevoel af te komen. Om van Broeder B af te komen. Alles voor de lieve vrede. Ik schreef een brief aan mijn Innig Geliefde Apostel en bekende daarin schuld en vroeg om vergeving voor wat ik had gedaan.

Twee weken later was ik onderweg naar Bussum. Naar het huis van L. Slok. Omdat mijn ouders geen auto hadden bracht een jeugdverzorgster van de confirmantenkring mij ernaartoe. Ook zij dacht dat het om de confirmatie ging. Tijdens de rit van een uur werd ik onder bearbeiding genomen. Ze waarschuwde me voor alle erge dingen die me zouden overkomen als ik me niet liet confirmeren. Ik zou in ieder geval in de goot belanden. Ik knikte maar wat. Die hele confirmatie kon me geen barst schelen. En in de goot lag ik al. Ik was ervan overtuigd dat als de apostel hoorde wat ik had gedaan hij me toch niet zou confirmeren.

Ik ben uw apostel

Het gesprek met L. Slok in zijn spreekkamer was een vreemde gewaarwording. Het liep totaal anders dan ik had verwacht. Met horten en stoten vertelde ik mijn verhaal en vroeg om vergeving. L. Slok zei dat het heel erg was wat ik had gedaan. Echt heel erg. En ik moest nogmaals om vergeving vragen. Daarna vroeg hij ineens of ik rookte en bood me een sigaret aan. Ik rookte niet. Dat vond hij verstandig. Toen zei hij dat hij me nodig had. Hij had een opdracht voor me. Ik moest de familie B bij hem brengen. Ik moest ze gaan vertellen dat de apostel op ze wachtte. ‘Wil je dat voor mij doen, kind?’ vroeg hij. Dan was het vergeven en vergeten. Ik weet nog dat ik stotterend zei dat ik daar niet meer naartoe wilde, dat het ook niet mocht van de herder en de oudste. En toen zei hij: ‘Maar IK ben uw apostel.’ Ik moest beloven dat ik het zou doen. Vijf minuten later liep ik over het grindpad van de oprit terug naar de weg waar de zuster in de auto op me wachtte.

Vaders grote liefde

Nu ik dit schrijf voel ik opnieuw de verbijstering en eenzaamheid die ik toen voelde. Mijn innig geliefde Apostel bood geen bescherming, gaf geen troost, maar stuurde me terug naar het hol van de leeuw. En er was niemand die het voor me opnam. Niemand die zei dat broeder B met zijn handen van een minderjarig meisje af had moeten blijven. Niemand die vroeg hoe het met me ging. De herder niet. De oudste niet. En de apostel ook niet. Vaders grote liefde was ver te zoeken.

Ik kon niet meer naar die familie. Ik wilde ook niet meer. Niet nu alles was uitgekomen en ik de schuld kreeg. Liever wilde ik ze nooit meer zien. Maar als ik het niet deed zou de apostel erachter komen. Dus schreef ik ze een brief waarin ik vertelde dat ik bij de apostel geweest was en wat hij had gevraagd. De daarop volgende zondag kwam zuster B na de dienst in de hal naar me toe en bedankte voor de brief. Ze zouden het doen.

En toen werd het stil. Het was net alsof er niets gebeurd was. Alsof ik het allemaal gedroomd had. Familie B ging niet scheiden. We zagen elkaar in de dienst. We zeiden elkaar gedag. Een ander meisje van het meisjeskoor paste bij hen op. En ik speelde krampachtig dat alles gewoon was. Een paar weken later ging mijn moeder alsnog door het lint. De oudste was bij mijn ouders op bezoek geweest en had het verteld.

Een lange, pijnlijke reis

De deur van het Apgen heb ik heel lang geleden achter me dichtgedaan. Maar de impact van deze ervaring op mijn verdere leven valt niet te omschrijven. Het was een lange, pijnlijke reis.

Via via hoorde ik jaren geleden dat familie B alsnog uit elkaar was gegaan. Broeder B had zijn vrouw bedonderd. En scheen dit vaker te hebben gedaan. Even ging er een schok van – zie je wel het is jouw schuld – door me heen. Maar dat was maar even.

Dankzij jarenlange therapie en de deskundigheid van een goede psycholoog weet ik hoe ik met zulk soort gedachten om moet gaan, heb ik mijn verleden een plek kunnen geven. Er bleef echter altijd een grijs gebied met vragen in mijn hoofd waar ik het antwoord niet op wist.

Duizendmaal dank

En toen kwam het boek Apostelkind. Met duizendmaal dank aan Renske Doorenspleet. Het lezen van dat boek was het laatste ontbrekende puzzelstuk uit mijn leven. Ineens snapte ik waarom ik altijd zo moeilijk nee had kunnen zeggen. Waarom ik zoveel dingen had geslikt. Waarom ik zo vergevingsgezind was geweest, tot in het absurde toe. En waarom ik mezelf was kwijtgeraakt. Ineens snapte ik dat wat gebeurd was niet mijn schuld was. Dat het nooit mijn schuld was geweest. Maar de schuld van een indoctrinerend en ziek systeem waar nee zeggen uit den boze was. Waar ten koste van alles het altijd fijn moest zijn. Waar leken macht kregen en lariekoek verkondigden en waar mannenbroeders mij opzadelden met het gevoel dat ik niet deugde, dat ik niet de moeite waard was.

55 reacties op “17: Bekentenis

  1. Wat een verbijsterend en dapper verhaal! Ik ben er diep van onder de indruk. Wat zul jij je eenzaam en wanhopig hebben gevoeld. Dankjewel dat je dit wilde delen en wat schandalig wat je is aangedaan.

  2. Niet te geloven, wat bizar. Wat zul jij eenzaam zijn geweest. Verschrikkelijk. Dapper om dit aan het ‘papier’ toe te vertrouwen. Dank je wel.

  3. Mijn hart huilt, wat dapper dat je dit deelt.
    Dat die mannen niet doordachten. Ik hoop dat het nu goed met je gaat

  4. O, o,o ik ben even aan het bijkomen van jouw verhaal. Ik dacht daarnet even mijn eigen verhaal te lezen. Zo veel gelijkenissen, alleen 11 jaar later in de tijd. Mijn verhaal komt hier nog. Dus ik weet hoe ingrijpend dit is. Dank voor het delen! Mocht je op iap zitten, dan kun je me via daar vinden.

  5. Wat een vreselijke ervaring voor een jong meisje. En je dan ook nog zo in de steek gelaten voelen. Geen enkele hulp, eigenlijk werd je ook nog eens bevestigd in het schuldgevoel dat je al had. De jeugd had de toekomst! Die toekomst is voor jou wel erg zwaar geworden. Moedig van je dat je dit hebt willen vertellen. Dankjewel.

  6. Met buikpijn gelezen, wat afschuwelijk dat hij zo misbruik van je maakte op die leeftijd. Ik ken deze verhalen helaas ook en kan er nog razend om worden.

  7. Wat een afschuwelijk iets wat je hebt meegemaakt. Dan nog eens dat je niet bij je ouders terecht kon, niet bij je voorganger en oudste en ook niet bij je Apostel. Schandalig is het. Durfde je er ook met vriendinnen niet over te praten? Al met al, wat zal jij je eenzaam hebben gevoeld. Had maar aangifte gedaan bij de politie.

  8. Verbijsterend en misselijk makend, wat ben jij door een hel gegaan. Er is ons vroeger ingeprent om te moeten vergeven. Ik weet inmiddels dat sommige dingen niet te vergeven zijn, en dat dat ook niet nodig is.!

  9. Ben stil geworden van dit verhaal. Ik las laatst ergens de uitspraak ; soms is vergeven moreel niet verantwoord. Hieraan moest ik denken na het lezen…….Ongelooflijk, en hoe groot de pijn die spreekt uit jouw woorden. Wens je heel veel sterkte.

  10. Holy shit. Sorry dat is allesbehalve een intelligente reactie, maar ik zit hier met verbijstering, open mond en buikpijn te lezen. Wat zul je je eenzaam en in de steek gelaten voelen. Heel verdrietig. Intens verdrietig….

  11. Wat een vreselijk ellendige ervaring. In een hoek gedreven en dit eenzaam moeten verwerken. Ik heb hier geen woorden voor.
    Heel moedig van je om dit te delen.

  12. Wat een verdrietig en aangrijpend levensverhaal. Afschuwelijk dat je met niemand kon praten, dat je nergens veilig was met je immense probleem. Hoe ongelofelijk ernstig dat jij als schuldige werd neergezet. Sterk van je om dit te delen. Ik kan me voorstellen dat je wéér door veel pijn en verdriet bent gegaan.

  13. Weer een verschrikkelijk verhaal. Wat ben jij in de steek gelaten, wat is jou schade toegebracht. Niet alleen vanwege een volwassen kerel die niet met zijn poten van je af kon blijven maar ook omdat jij als jong meisje door niemand beschermd werd. Het eerste wat de herder had moeten doen is die broeder op het matje roepen. Al had je in je blote kont gelopen, hij had met zijn poten van je af moeten blijven! Een man die zelf kinderen had. Ongelofelijk!

  14. Een afschuwelijk verhaal, het doet pijn om te lezen. Vooral om de reacties van vele betrokkenen, in al die rangen en standen die we hadden, en de werkwijze die uiteindelijk in alle kwesties altijd weer hetzelfde was, en nog blijkt te zijn: het gaat niet om het voorval op zich (want dat komt in alle kringen voor, waar mensen bij betrokken zijn) maar om de manier waarop gereageerd werd. En dan blijkt die lust naar macht, en het denigreren van betrokkenen om die macht te krijgen, de kern waar het om draait. Het systeem was zó fout, dat jij uiteindelijk pas na decennia kunt ontrafelen wat er daadwerkelijk gebeurde… Triest.

  15. Jouw verhaal gaat door merg en been.
    Het Apostolisch Genootschap heeft meegewerkt aan het verdoezelen van een strafbaar feit en jou mishandeld. Jou is onrecht aangedaan, zowel door B als door het Apgen. Jij was de minderjarige, jij vertrouwde B, jij bent een meisje van 16,17 met een ontwakende seksualiteitsontwikkeling. Wat vuil om jou als hoer neer te zetten en jou daar zo alleen in te laten. Je bent onteert. Wat koud. Wat hard.

    Wat krachtig, dat jij jouw geschiedenis deelt.
    Laat godverdomme niemand meer laatdunkend praten over mishandelde Apostelkinderen. Jij toont aan hoe verrot deze eikels met complexe situaties omgingen aangaande minderjarigen.
    Wal-ge-lijk! Godzijdank heb jij blijkbaar een enorme veerkracht en goede wegen gevonden om te helen en het leven aan te gaan. Je t’embrasse.

    1. Geheel eens met Margreet. Had het niet beter kunnen verwoorden.
      Ik ben shocked tot in het merg.
      De vreselijke vruchten van een fout systeem waarin je vermorzeld werd.
      “Vaders grote liefde heeft jou opgezocht”

  16. Verbijsterd. Ik heb gewoon geen woorden. Alleen deze: het was niet jouw schuld. Niet jouw schuld.

    Wat een ziek systeem, waarin kinderen zo opgevoed worden dat dit kan gebeuren, en dan nog de schuld krijgen bovendien. Ik heb er geen woorden voor.

    1. Maar Tanja, jij bent toch een actief lid van deze “club”. En bij deze wat een plastisch zegje. Bah.

    2. Én, t,is al laat nu maar moet het toch kwijt; jij werd als missionair gestuurd door de weledele heer jr Slok om mij te bekeren nadat ik was opgestaan tijdens een apostel dienst(circa 1994)in het toen nog gevulde gebouw( oooh ja nu gemeenschap)Hengelo(ov). Te lang verhaal nu voor waarom destijds…..

  17. Ojhjhh wat herken ik jou verhaal. Het verzwijgen ,geen nee durven zeggen , de gemiste bescherming , wat erg dat je zo eenzaam je eigen weg moest gaan. Terwijl je gedwongen werd een houding en leven te leven. Nee niet jouw schuld….nooit niet. Maar ja ze waren getrouwd dus deze mensen hadden dus meer waarde voor de Apostel…..
    Ik voel jouw eenzaamheid. Ik geef je een knuffel. Gemeend. Al is ie digitaal. Djip

  18. Wat een intrieste geschiedenis. En inderdaad, wat een stelletje prutsers daar bij het ApGen. Walgelijk.
    Dank je voor t delen. Erg moedig en goed verwoord. Sterkte!

  19. Het zénuwslopend genootschap wordt zo goed weergegeven en eindelijk ook eens op de plaats gezet, die het in feite heeft verdiend met duiveluitdrijverij … !

    Er huist veel ònrecht onder de pracht en praal en al die gefòrmaliseerde “Liefde”, waarbij je dan niets durft uit te spreken, bang wordt, om jezelf “bloot” te geven !

    Conformatie als een pijnlijk brandmerk.

  20. Tja, zo ging het. Als meisje / vrouw stond je nergens. Vreselijk. En je verhaal werd zo verdraaid, dat je altijd de schuldige was. En dat, terwijl het om strafbare feiten ging. Hoop, dat je er nu anders tegenaan kijkt en dat rottige schuldgevoel kwijt bent.

  21. En weer blijkt dat het Apostolisch Genootschap een amateuristisch clubje is.
    Dat systeem heeft zoveel verdriet, ellende en eenzaamheid gebracht.
    Wat een eenzaamheid voor zo’n jong meisje.
    Respect dat je het gedeeld hebt.

  22. Vreselijk, wat zul jij je alleen gevoeld hebben. Hier heb je toch geen goed woord voor over? Broeder B had een aangifte aan zijn kont moeten hebben. Arme arme jij, zo in de steek te zijn gelaten. Wat ontzettend moedig dat je dit met ons wilde delen. Ik hoop zo dat het nu goed met je gaat. En ja, in die tijd werd er zo idioot gereageerd. Wat een leed is jou aangedaan

  23. Dat zwijgen,dat je zo in je vertrouwen beschamen,vreselijk,ik heb er om gehuild,om jou,voor jou.En ik laat je weten diep respect voor jou te hebben dat je het kan vertellen,daar sterk je anderen mee ook hun verhaal te doen.

  24. Door alle hóge verwachtingen kon men dingen juist helemaal niét met ouders bespreken, heel erg absurd zoals “APG” kinderen onder prestatiedruk stonden !

    Echt een fraaie en gevaarlijke valkuil …

  25. Goeie genade, wat een brute, verwoestende ervaring. Dapper dat je het hier durft te vertellen. Het geeft maar weer eens aan dat het systeem erop was gebouwd om alle kikkers in de kruiwagen te houden, koste wat kost. En dan de schuld op de enige onschuldige afschuiven omdat die zich uit schaamte niet zal verdedigen. Hoe konden en kunnen deze laffe, ongevoelige mensen met zichzelf leven?

  26. Beste allemaal,
    Gisteravond plaatste ik hier het verhaal Bekentenis. Lees hieronder de reactie van de schrijfster.

    ‘Heel veel dank voor jullie reacties, warmte en begrip. Ze helpen helen. Sinds gisteravond ervaar ik een bevrijdend gevoel, omdat het eindelijk is verteld.’

    1. Ja, lieve schrijfster, dat bevrijdende gevoel heb ik na het schrijven van mijn verhaal ook ervaren.
      Jij bent heel erg mishandeld. Ik heb bewondering voor je moed om door de pijn heen het op te schrijven,

    2. ❤️

      Praten, schrijven, oftewel delen. Gehoord, gezien, erkend worden. In vrijheid mogen Zijn met je verhaal. Daarna kan je pas ècht door. Dan pas gaat de energie stromen. Ap Gen kom op! Ontschuldig, Erken. Neem verantwoordelijkheid. Ga daarin bergen verzetten. Stap uit de comfort zone. Zoek hulp in hoe je als taakvolwassen religiebedrijf omgaat met aangedane onveiligheid in het verleden. Zoek de media (er is inmiddels ervaring), roep op tot het delen van leed bij een onafhankelijke instantie. Werk daarmee ruimhartig samen. Help helen, daar waar het nog kan. Neem daarin initiatief.

  27. Ik vind het heel erg dat jij dit hebt moeten meemaken. Jij was een kind en je had er op moeten kunnen vertrouwen dat jouw ouders, of in ieder geval de volwassenen in jouw directe omgeving, jou zouden beschermen. Maar het omgekeerde is gebeurd, de mensen die je hadden moeten beschermen vormden het grootste gevaar. En de leiding van het AG, tot aan de apostel aan toe, gaf het ‘goede’ voorbeeld.

    Vanaf de verhoging werden de prachtigste woorden uitgesproken, maar wat waren die woorden waard? Niets. Walgelijk, dat is het enige woord dat past bij wat zij hebben gedaan en vooral hebben gelaten.

  28. Ik vloek vrijwel nooit, maar van jouw verhaal ga ik vloeken. Dit is dus wat er gebeurt in een gesloten gemeenschap met een zwijgcultuur, machtsmisbruik en verwrongen ideeën. Echt heel erg. En wat dapper om het hier in het openbaar te vertellen. Respect. Ik hoop dat het je lucht gegeven heeft.

  29. Ik werkte jarenlang in het WG, nu het AMC op de afdeling gynaecologie. Na het lezen van Apostelkind en de verhalen op deze site dacht ik: ‘Waar blijft seksueel misbruik?’ Geestelijk misbruik had ik zelf meegemaakt, maar stil van binnen wist ik dat seksueel misbruik er ook nog moest zijn.
    Daarvan is jouw verhaal het levende bewijs. Er zullen nog vele verhalen volgen, want net als bij jou werd de misbruiker beschermd.
    Afschuwelijk!
    L. Slok plaatste eens – over het hoofd van mijn moeder – een opmerking over haar tegen mijn vader: “Wat heb jij goed uitgekeken.”
    Deze opmerking heeft mijn moeder zeer gekwetst en tegen mijn vader zei ze: “Wat een vieze man om me zo te beschouwen.”
    Toen mijn moeder stierf in 1973 zei ze tegen mijn vader: ”Kijk uit! Hij wijst na zijn dood zijn zoon aan!” Mijn vader en ik geloofden haar niet. Toen het toch gebeurde was mijn vader al dood, maar die woorden van mijn moeder kwamen me weer levendig voor de geest.
    Waar blijft het bestuur van het Apgen in 2020?
    Waar blijven hun excuses voor de vele tekorten en de blijvende schade bij zoveel mannen en vrouwen.
    Vreselijk, ik schaam me lid van het Apgen te zijn geweest.

  30. Je bent jong, mooi en lief!
    Wat een idioot uitgangspunt punt om daaruit te concluderen dat je schuld hebt aan de lage lusten van een oudere, getrouwde man!
    Het is tekenend dat de voorganger, oudste en apostel geloof hechtten aan het verhaal dat br. B. aan zijn vrouw heeft opgehangen met het excuus dat jij hem zou hebben verleid!
    Jij hebt de juiste toedracht niet kunnen vertellen, want het verhaal van B was het uitgangspunt. In het Apgen moest zijn huwelijk worden gered.
    Ik heb daar ook aan meegewerkt, door mijn huwelijk – dat geen huwelijk meer was – te laten ‘redden’ door ondeskundige hulp van de apostel.

    Ik heb je verhaal met pijn in mijn buik gelezen, want het herinnert mij aan de beschuldigingen van mijn vrouw bij de apostel, waartegen ik me niet kon verdedigen. Oudste B. Van der Hulst heeft tegen de apostel gezegd: “Dat kan niet waar zijn”. Jij had niemand die het voor je opnam. Je bent seksueel én geestelijk misbruikt door al die mannen in de gehele hiërarchie van het genootschap.
    Het is goed dat je jezelf hebt bevrijd van de schuldvraag, maar de mooiste jaren van je leven zijn verwoest door het Apgen.

    1. Bent u door die oudste “gelijk” in bescherming genomen, tégen de beschuldigingen aan uw “adres” ?

      Zeker verijdeling + rèchtsspreken, zo van wié wordt voorgetrokken ?

      1. Nee, de apostel duldde ook toen in de Vrijdagkring geen tegenspraak.
        Maar ik ben – nadat ik de dienst had verlaten – samen met mijn huidige vrouw met deze oudste bevriend gebleven.

        1. Alle broeders hadden soms wel de gelégenheid om een slachtoffer te misbruiken … en dáár maakte B. HANDIG gebruik van en “verschool” zich zo àchter die broeders !

          1. Door beschùldiging van “misbruik” KAN iemand een NAAR GEVOEL gaan krijgen en zich dan tegen aantasting van reputatie, eer en de macht moeten strijden, zich verwéren …

            Een kans om te slagen …

            Een “slachtoffer” van het misbruik heeft een NAAR LEVEN gekregen, omdat de klachten, als buikpijn nooit SERIEUS genomen werden en er geen kans was om begrepen en om dus gehoord te worden !

            Slachtoffers wèrden dus verslagen en krabbelden hopelijk weer OVEREIND hoewel dus beschádigd !

  31. Lieve schrijfster, wat een verschrikkelijk verhaal en wat dapper om het nu zwart op wit te zetten. Hoe loodzwaar moet het zijn geweest om dit met je mee te dragen.
    Hoeveel van dit soort verhalen moeten er nog naar buiten komen voordat er een oprechte, krachtige, overtuigende en geloofwaardige (re-)actie vanuit het apgen gaat komen?!

  32. Kippenvel, wat een vreselijke tijd heb jij meegemaakt!
    Geen woorden voor hoe ze met jou om zijn gegaan. Alles voor de schone schijn van het ‘Godswerk’.

  33. Ik heb met verbijstering je verhaal gelezen. Wat moedig om dit te delen en wat moet het ook verschrikkelijk voor je geweest zijn om hier niet over te kunnen praten. En dan te bedenken dat de vertrouwenspersoon van het Apgen in een samenkomst in de Doelen, (ik schat zo’n 8 tot 10 jaar geleden) gewoon nog trots stond te vertellen dat seksueel misbruik in het genootschap gelukkig niet voorkwam. Op het moment dat hij dit vertelde begon er een zuster de schreeuwen en huilen op het balkon en zij werd meteen naar buiten gebracht. Een bizar moment dat zowel mijn man als ik ons nog goed herinneren. Het ergste is dat ik toen geen vragen stelde en onvoorwaardelijk geloofde wat me daar verteld werd. Er is nu zoveel schaamte dat ik het niet heb doorzien en er zo lang deel van was.

  34. In mijn familie kwam “overschrijdend” sexueel gedrag wèl voor, bijvoorbeeld worden bespioneerd, erg vuil begluurd en mijn broer mocht geen contakt met mij hebben, om die redenen, moeder reageerde hysterisch, schermde mij af !

    Nóóit werd er ooit iets over uitgepraat !

  35. Mijn zus is iets ouder dan mijn broer en is doodsbenauwd, dat dit soort dingen naar buiten komen, is van de generatie van je “klik-klik-klikt” niet en legt driftig daarmee een zware druk op mij, want al háár kinderen en kleinkinderen mogen geen last hebben van die geschiedenis !

    Zíj doet het PERFEKT en dat is genoeg …

    Práten ? Hó maar ! Stééds meer conflikt en opa’s en oma’s die zijn ideáál figuren in een sprookjes wereld op dit moment.

    Ik voel mij totaal geïsoleerd van familie, en voel regelmatig ook een nare leegte !

  36. Nadat mijn vader zwàkker werd, door hersenbloedingen, nam mijn broer de regie over in huis en óók jegens mijn moeder, hij woonde vlak in de buurt …

    2 x keer daags kwam hij koffie drinken, hielp mijn moeder met boodschappen en begon over mij te keer te gaan toen mijn vervolg opleidingen mislukten en heeft met zijn schreeuwen mij het echt benauwd gemaakt en dus wilde ik ook weg vluchten van huis en was in paniek.

  37. Wat zul je je machteloos, wanhopig en eenzaam hebben gevoeld. Zo verdrietig. Tot aan de apostel toe. Echt. Vreselijk. Moedig dat je het verteld hebt. Liefs voor jou!

  38. Lieve schrijfster, het drama van vernietigen van een jonge geest…het blijft voor mij een raadsel dat deze mannen gewoon van zichzelf dachten dat ze hier wat van moesten vinden en met hun zieke geest adviezen gingen geven! ONBEGRIJPELIJK en we zitten het nog steeds in de schaduw van het apgen te delen! Juist BW die toch zo,n enorme “ goede kinderarts” moet zijn, zou hier kapot van moeten zijn en hier iets mee moeten doen ? Dit kan en mag niet gebeuren…en het was toen en het zal echt nog zo zijn!
    Lieve schrijfster, mijn hart huilt maar ik ben zo blij dat je professionele hulp hebt gezocht en gekregen waardoor je verder kon met je leven …lieve groet van mij 💋

  39. Vreselijk wat je is overkomen! Jammer genoeg herken ook ik veel van je verhaal.
    Erg hoe je de schuld krijgt toebedeeld, vreselijk de eenzaamheid, jezelf kwijt zijn, door het toneel wat je moet spelen..
    Ik hoop dat het goed met je gaat, maar ken de lange weg van heling. Zit daar ook nog steeds in. Door alles wat weer naar boven komt.. Maar het is goed, dat wat zichtbaar is, aan het licht komt, kan uiteindelijk oplossen in het licht van je eigen essentiële zijn. Want dat word stukje bij beetje steeds meer zichtbaar, nu de muren van het toneel vallen..
    Veel sterkte lieverd! Vanuit de kern van mijn hart!

  40. Mijn god als apostel voor hem kniel ik neer letterlijk en figuurlijk. Wat naar……. Bijzonder en goed dat je dit deelt!

  41. Slachtoffer in de knel en dan gehekeld voor het mooie en perfecte plaatje …

    Ik moest, toen ik een jaar of tien was poseren op een gezinsfoto en wou dat helmaal niet omdat ik een zondagse jurk moest aantrekken : gifgroen met stropdas … !

    WAUW, wat een lelijke jurk was dat, zeg.
    Mijn moeder heeft er een ‘hàlf uur’ over gedaan om mij erin geranseld te krijgen en toen moest zo die foto nog genomen worden, jáwel zij kreeg toen haar zin en ik slikte het in en mocht mij nooit uiten, schrééuwen uit wanhoop mocht ik wel !

  42. Zo ik lig even aan de beademing, ik word geloof ik niet goed. Wat moedig dit, heel veel dank. Wat een ellende dat k* genootschap.

Reacties zijn gesloten.