Een verklaring van het Apostolisch Genootschap

Op zondag 11 oktober, morgen dus, komt het bestuur van het Apostolisch Genootschap naar verluidt met een verklaring over het boek Apostelkind en de nasleep ervan. Wij weten natuurlijk niet precies wat daarin komt te staan, maar we koesteren wel hoop.

Een van de ex-apostelkinderen schreef haar ideale AG-verklaring, voor bestuursvoorzitter en apostel Bert Wiegman.

“Beste mensen,

Wat voorafging…

De afgelopen periode, de maanden na het verschijnen van het boek Apostelkind, was roerig voor zowel leden van het Apostolisch Genootschap als voor ex-leden. Renske Doorenspleet heeft met haar boek een tot nu toe niet eerder belicht onderdeel van de geschiedenis naar buiten gebracht en de vele reacties maakten duidelijk dat het niet de geschiedenis was van een enkel ex-lid, maar van een groep, een groep apostelkinderen. 

Mensen die in een gedeeld verleden zijn opgegroeid binnen ons Genootschap, in een periode die gekenmerkt werd door een naar binnen gekeerde en sterk normerende cultuur, met een centrale en absolute apostelrol. 

Niet alleen de grootte van de groep mensen die van zich hebben laten horen, maar ook de schrijnende inhoud van de gedeelde ervaringen binnen gemeenschappen in die periode en de desastreuze effecten die deze gehad hebben, maakten dat wij in actie móesten komen. 

Het heeft ons overvallen en we zijn enorm geschrokken dat dit allemaal zo heeft kunnen gebeuren, terwijl we er zelf bij waren. Terwijl we het niet doorhadden, terwijl ook wij dachten dat het ‘normaal’ of ‘goed’ was, hoe het eraan toe ging.

Uiteindelijk hebben we als bestuur besloten dialoogbijeenkomsten te organiseren om met ex-leden die daar behoefte aan hadden verder in gesprek te gaan, en hen vooral de ruimte te geven hun verhaal te doen. 

Pijnlijke confrontatie met ons verleden

De letterlijke opbrengsten hiervan heeft u allemaal in het rode-draden-verslag kunnen teruglezen. Ook deze gesprekken, de vele brieven en een-op-een gesprekken die zijn gevoerd, bevestigen het beeld dat de periode van de jaren’70, ’80 en ’90 in ons Genootschap een grotere en schadelijkere schaduwzijde heeft, dan we tot nu toe intern dachten, doorhadden.  

Zo is er grensoverschrijdend inbreuk gemaakt op velen hun persoonlijke levenssfeer en gezinsleven onder het mom van verzorging en zijn er vele situaties van misbruik onder het tapijt geveegd onder het mom van ‘lieve vrede’ en vergeving. Dit is fout geweest en onomkeerbaar en zó ernstig dat het alsnog vraagt om een passend antwoord. En dit betreft dan nog enkel de excessen die hebben kunnen gebeuren binnen het gesloten en hiërarchische systeem dat destijds heerste in ons genootschap. 

Want excessen staan niet op zichzelf. Zij zijn het eindstation aan een spoor van beschadigende mechanismen en grensoverschrijdingen die subtieler en wellicht genuanceerder lijken. Denk hierbij aan het gebrek aan inspraak, aan openheid en aan professionaliteit binnen de geestelijke en jeugdverzorging. Maar ook aan de sociale druk en culturele normering in tijdsbesteding, omgangsvormen en kleding. 

Hierdoor hebben te veel mensen te veel van hun eigenheid op moeten offeren en is er voor een té grote groep kinderen en jongeren te weinig ruimte geweest hun eigenheid te ontdekken en ontwikkelen. Zij hebben, ondanks het feit dat ze vaak al tientallen jaren niet meer lid zijn, hier nog steeds last van in hun dagelijks leven. Ook dit is fout geweest en onomkeerbaar en zó ernstig dat het alsnog vraagt om een passend antwoord.

Natuurlijk doet het pijn en is het moeilijk voor ons als actieve leden, al dan niet bekend met het verleden, om overvallen te worden door deze ‘negatieve’ duiding van ons Genootschap, een plek waar je als actief lid, graag bent en van houdt. Maar je kunt pas echt werken aan een menswaardige wereld als je ook onder ogen ziet waar je het spoor bijster bent geraakt. 

Het is niet meer te ontkennen, niet meer niet te zien. De periode waar we het over hebben, heeft te veel en grote schade toegebracht een mensen en hun levensloop. Het was fout en niet tijd-overeenkomstig hoe we destijds ons werk vormgaven. 

Deze pijnlijke conclusie hebben we te trekken en te accepteren, zélfs als we in onze eigen persoonlijke beleving wél positief op die tijd terugkijken. 

Het bestuur wil dan ook ten eerste excuses maken voor de manier waarop er met mensen is omgegaan in de jaren 70-90 en erkent dat de absolute apostelrol, het systeem van jeugdverzorging en activiteiten en de normerende cultuur fout waren en niet tijd-overeenkomstig in tegenstelling  tot wat tot nu toe steeds werd betoogd.

Hoe nu verder? Wat is het passende antwoord?

Het bestuur realiseert zich en vindt dat enkel excuses in onvoldoende mate een passend antwoord vormen op de constateringen die uit o.a. de dialoogbijeenkomsten getrokken kunnen worden. We realiseren ons inmiddels ook dat wij als bestuur niet degenen zijn in de positie om dat passende antwoord wel te formuleren. Wij vormen immers een onderdeel van het verhaal. Wij zijn zelf apostelkinderen, maar dan degenen die zijn gebleven en in dit werk hun zingeving vinden. 

We zullen daarom een onafhankelijke derde partij moeten betrekken bij het formuleren van die passende antwoorden.

Wij zullen een jurist benaderen met de opdracht om een onderzoekscommissie te formeren die bindende uitspraken zal doen over wat wél een passend antwoord is, zowel op de excessen als op de fouten in het systeem die ertoe bij hebben gedragen dat die excessen hebben kunnen gebeuren. Bijvoorbeeld een jurist die tevens hoogleraar is, met als specialisatie schendingen van mensenrechten. 

We hebben voorgesteld om in deze onderzoekscommissie ook experts zitting te laten nemen op het gebied van godsdienst sociologie, pedagogiek, ethiek en psychiatrie. 

Verder zal het Apostolisch Genootschap al het archiefmateriaal openbaar beschikbaar stellen voor onderzoek door deze onafhankelijke experts, zijn we bereid tot het oprichten van een fonds voor het vergoeden van psychologische hulp en het betalen van schadevergoedingen aan hen die dat toekomt en zullen meewerken aan juridische stappen in die gevallen die daartoe aanleiding geven. Deze onafhankelijke commissie zal ook de communicatie over het algehele proces in regie hebben.

Tot slot beseffen wij dat we op de manier waarop we tot nu toe deze situatie hebben aangepakt, een grote groep ex-apostolischen niet hebben bereikt. Mensen voor wie de uitkomsten van dit proces ook belangrijk kunnen zijn. We zullen dan ook deze verklaring openbaar communiceren in de landelijke media. 

Wat betekent deze periode intern voor ons Genootschap?

Gezien de conclusies die getrokken kunnen worden uit de afgelopen periode en de ontwikkelingsfase waar het Apostolisch Genootschap zich nu in bevindt, zullen we per direct afstand doen van de apostelrol en apostelnaam. 

Daarbij zullen we een hernieuwde reflectie op ons verleden formuleren en deze opnemen in onze eigen geschiedenisbeschrijving, bijvoorbeeld op de website en in de documentatie van het dienstencentrum. Dit betekent niet dat alles verkeerd was aan die tijd, maar wel dat we deze dimensie niet meer weg kunnen laten.

Het bestuur wil haar leden ook vragen om zich niet vanuit afkering of boosheid te richten tot ex-leden die van zich laten horen of tot de schrijfster van het boek Apostelkind. Voor degenen die het boek Apostelkind nog niet hebben gelezen, ga dat doen. En onderzoek bij uzelf, hoe u ten diepste terugkijkt op die tijd. 

Het niet eerder zo belichte verhaal van Apostelkinderen is niet een werkelijkheid waar we ons tegen moeten verzetten of wat we weg moeten maken. Hij is er. En hij is echt. We hebben die te accepteren en moeten er ook zelf een plek aan geven. 

Daar zullen we elkaar hard bij nodig hebben. Ik wens ons als religieus-humanistische beweging toe dat we de moed hebben te blijven onderzoeken, ons te richten op de feiten om zo vanuit betrokkenheid op de ander én onszelf dit complexe proces doorkomen.

Mocht er bij u behoefte zijn aan gesprek, dan kunt u contact opnemen met de plaatselijke voorganger. Ook hebben we een telefoonlijn geopend voor leden waar ze hun verhaal kunnen doen en hun vragen kunnen stellen: 0900-123456.

Een hartensgroet,

Broeder W.”

Door ex-apostelkind Marjolein Sanders.

52 reacties op “Een verklaring van het Apostolisch Genootschap

  1. Een verklaring waar ik helemaal achter sta. Zij het, dat het bestuur van het ApGen nu ook uitspreekt/verklaart dat het erkent dat er door en onder verantwoordelijkheid van de apostelen Slok sr. en jr. foutief is gehandeld en dat zij die periode – net als ik – beschouwt als pikzwarte bladzijden in de ApGen-historie en deze periode ook als zodanig zal beschrijven in haar jubileumboek (beter zou zijn dit boek niet uit te geven).
    Jan Belier

    1. Ik ben dus ook een apostelkind. Het volgende kreeg ik op mijn mail – ben officieel nog lid, al kom ik praktisch nooit –

      ”Cadeau voor u: Jubileumboek!

      In 2021 bestaat het Apostolisch Genootschap 70 jaar. Ook is het dan 75 geleden dat apostel Lambertus Slok werd aangewezen en 10 jaar na de aanwijzing van apostel Bert Wiegman. Redenen genoeg om een jubileumboek samen te stellen. Leven in liefde verschijnt binnenkort en alle huishoudens krijgen een exemplaar.”

      Ik ben het helemaal met jou eens, Jan. Hoe is het in Godsnaam mogelijk dat je als genootschap na het lezen van zoveel pijn een boek laat verschijnen met de titel LEVEN IN LIEFDE.

      Daarbij nog dat het 75 jaar geleden is dat Lambertus Slok aangewezen werd,terwijl hij toch voor heel wat leed aansprakelijk is.

      Ik zou zeggen: Genootschap, ga dat boek niet publiceren, tenzij je daarin eerlijk bent over de geschiedenis.

  2. Een zorgvuldige verklaring. Ik sta daar volledig achter. Wel hoop ik dat de onafhankelijke juridische commissie ook echt onafhankelijk is en niet een bureau bij de Dialoog gesprekken ingeschakeld.

  3. Deze verklaring doet recht aan alle partijen.
    Het laat inzicht, begrip en verantwoordelijkheidsbesef zien.
    Dat is het minste wat wij mogen verwachten.

  4. Een droom van een verklaring.
    Let’s do it together. Vanuit daadwerkelijke gelijkwaardigheid. En met hulp van onafhankelijke deskundigen. It HAS to work.
    Ain’t no mountain high enough…
    Morning has broken…

  5. Een goede, genuanceerde tekst. Dit biedt de mogelijkheid om zowel afstand te nemen tot het verleden, als ook daar lering uit te trekken. Hierdoor ontstaan kansen voor het Apgen om de positieve elementen te handhaven en wellicht verder uit te bouwen zonder terug te vallen in de cultuurpatronen van het verleden. Ik denk daarbij vooral aan het normerende gedrag zoals ik dat bij Slok sr heb ervaren.
    Als gebaar, ook naar buiten het Apgen is het niet minder dan essentieel dat het niet meer passende jargon wordt afgeschaft en dan ook elke verwijzing naar Apostel en Apostolisch worden geschrapt.

  6. Ik heb een hele kleine aanvulling op dit glasheldere betoog, dat volgens mij door Bert Wiegman alleen maar ge-copy-paste hoeft te worden: laat er in de onderzoekscommissie ook een financieel expert zitting nemen. Mijns inziens is het absoluut noodzakelijk ook de financiële stromen te onderzoeken, ook daar moet de onderste steen boven komen.

  7. Geweldig. Een helder advies. Vanuit verschillende perspectieven en met respect voor alle betrokkenen geschreven. Helemaal mee eens. Dank je wel, Marjolein.

  8. Geen Apostel ?…

    Dan óók niet meer ‘broeders + zusters’ zeggen kunnen, dat is iets Christelijks !

    Verder bestaat er in het genootschap nu een méérjaren visie, met doelstellingen voor eigen groei resultaten in bv 2022 …

    Daar zijn zij best trots op, dat zegt gelijk dat men die touwtjes in handen houdt !

    Indien het genootschap een STICHTING is, kan het ‘officieel’ geen leden hebben dus hebben die “leden” GEEN inspraak, las ik op de site van Sektesignaal en dan zijn er mogelijk geen rechten te claimen door slachtoffers … Dat is bijvoorbeeld al het geval bij diverse Pinksterkerken !

  9. Prima verwoord, Marjolein.
    Als Bert Wiegman eerlijk is, kan het niet anders dan dat hij jouw werk gebruikt. Jij bent daarin zijn helper.

    Toen ik uit het Apgen gegooid was (eerst de excommunicatie en daarna de afgeperste belofte om bij de scheiding – tegen mijn geweten in – de kinderen bij de moeder te laten), moest ik afkicken en mijn leven opnieuw richting geven.
    Voor mij is hulp nu niet meer aan de orde. Ik kan leven met mijn teleurstellingen in het Apgen. Maar de beschadigde ex-Apgenners – zeker de seksueel misbruikte en vervolgens geminachte meisjes/vrouwen (en jongens/mannen?) – zouden zeker geholpen moeten worden met – door het Apgen betaalde – professionele hulp.

  10. Heel goed verwoord, ook ik ben een ex apostelkind. Hoop dat het helend werkt voor alle mensen, die schade hebben opgelopen.
    Voor mij werkte het boek van Renske al helend

  11. Ik heb nog wel een andere suggestie voor een goed statement van Bert:

    Lieve broeders en zusters,

    Laat ik het kort houden. Het leed dat we onszelf, onze kinderen, onze oud-leden en hun kinderen hebben toegebracht is dermate groot, dat we dat met geen spijt of excuses kunnen goedmaken. Er rest ons niet anders dan onze beweging op te heffen. We verdelen ons enorme kapitaal van meer dan 500 miljoen euro over Unicef en de voedselbanken. Daar is het geld beter besteed dan bij dure consultants van communicatiebureaus en bovendien doen we dan toch uiteindelijk nog iets goeds voor de kinderen van nu.

    Uw BestuursVoorzitter
    Bert Wiegman

  12. Ikben zestigjaar geen lid meer van het apgen.dat duid op een hooge leeftijd mijnerzijds. Ik vind dan ook niet zinvol om nog aan deze discussie meetedoen. Toch wi ikheel graag op het laarsre blog van Rob Meerwijk. In de afelopen tijd heb vrij geregeld gecorrespondeerd met aposrolischen en heb mij vaak uitgesproenover het onnut van hetbestaan van het apgen.vaak werd ons de uitsprraak “het zout der aarde”voorgehoude of het “ licht der wereld” of nog mooier “ in liefde werken aan een betere wereld” . Allemaal mooie uitspraken die. Kant nog wal raakten. Ik shreef vaak dat na de oprichting van het agen deweredergeen m.m op vooruitgegaan was dus heeft het genootschap heeft geen enkele zin opheffen dus Cor

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *