Gedachten in Gedichten

Wie was ik geweest…

Wat gaat er door me heen na het lezen van dit boek. Wat zijn er toch veel gedachten zoek. Waarom weet ik er niet zoveel meer van? Zolang als ik me herinner wilde ik er niet zijn. Waarom ik zo’n hekel heb aan sommige dingen? Ik furieus reageer van binnen, dat soms naar buiten komt, als iemand zijn mening op wil dringen.

Wie was ik geweest… zonder deze gekte. Wie ik nu ben. Wat ik nu doe, doe ik nu onbevreesd en leer ik mijn dochter daarom… Laat niemand je zomaar iets zeggen… daarom? Ik hoor mezelf meer lachen. Er viel veel vanaf? Dank jullie voor dit inzicht. Het is fijn om samen te zijn.

Schaamte

Wat was het toch erg, als je iemand tegenkwam, in je jurk, wat moest je zeggen dan… Alles zo dubbel, in een niet zelf gekozen bubbel, buiten mezelf. Zo voel ik me vaak nog alsof ik er niet bij ben, maar ernaar kijk. Daarom is vrijheid van keuze zo belangrijk. Het was gewoon in de maatschappij en toch hoorde je er niet helemaal bij. Je vader, je moeder, als je iets vroeg, wat niet in het stramien paste, bijvoorbeeld naar de kroeg. Alleen op vakantie, sporten op dienst avond. Hij of zij deed wat de voorganger hem opdroeg.

Toestemming vragen om twee keer te sporten. Ik vond dat toen al van de zotte. Een vriendje dat mocht niet. Uitgaan dat mocht niet. Heb ik iets gemist? Het gevoel dat je naast de pot hebt gepist? Al vroeg in mijn leven. Wilde ik het beleven. Was het daarom dat ik al snel, mijn vrijheid aan reizen heb gegeven?

Groep

In de kring. Wat is zij toch lekker rustig. Daar heb je geen kind aan. O, je wordt helemaal rood. Door dat alles sla je dood. Vaak genoeg is het gezegd. Bij de gedachte aan praten, kwam op mijn wangen het schaamrood.

Vertrouwen

Ik wilde nooit praten. Zo’n fijne sfeer. Heb me laten verleiden, door iets te zeggen. Een oom kwam thuis, om te overleggen. Wat ik in vertrouwen had gezegd. Sindsdien ben ik in mezelf.  Daar kan ik op bouwen. Een ander, kan je die ooit vertrouwen?

Uitgekomen

Ik ga straks op bezoek en twijfel of ik je mee zal nemen. Het boek. Iets in mij wil het schreeuwen… Kijk… zo was het! Iemand heeft er woorden aan gegeven. Zal ik het doen? Zal ik het niet doen? Doen is praten. Praten is huilen? Gevoel… mag het komen? Of zal ik je nog even thuis laten?

Bevrijd

Na al die verhalen van lotgenoten, is er wel wat van me afgevallen. De apgenners zijn nog steeds aan het doorlallen, maar allang niet meer voor mij. Nu, na alle reacties te lezen op facebook, lijkt de opvoeding van generatiegenoten op die van mij. Die van mij op die van hen. Wat was dat toch een rariteit. Allang voel ik, laat je niets zeggen, zonder te weten waarom. Maar nu weet ik… dat is daarom.

Keuzes

Maak ik uit vrije wil. Weg verleden. Vrij. Autoriteit.  Niet voor mij. Vroeger en nu. In verwarring. Wat komt er voorbij. Identiteit. Waar sta ik? Gelijkgestemden.  Vroeger en nu. Geloof, sekte. Wat is waar? Ga voor jezelf.

Los

Loskomen van vroeger, is anders zijn in mijn gedrag. In een ‘onveilige’ groep, mijzelf laten horen. Dat kon al. Maar nu: laat ik niet los! Boos geworden! Wat een overwinning. Uit die schulp!

Opening

Zo hè. Van niets zeggen, zelden. Naar gevoel laten komen. Wat heb ik lieve collega’s. Ze nemen de tijd om te luisteren, te troosten. Nu wil ik wat zeggen, al is het nog niet het diepste gevoel. Het is op basis van wederkerigheid. Zelf integer, geluisterd naar hen. Zo mooi.

Thuis

Als jong kind ik weet niet hoe oud, was ik wel eens driftig. Ik denk vaak in de avond. Het mocht niet, er werd gereageerd heel boud. Ik dacht altijd mijn vader, maar het was meestal mijn moeder. In de badkamer in de houdgreep, met je hoofd onder de koude kraan. Met je eigen stem, is het op een gegeven moment gedaan.

Soms kwam ik van mijn kamer als dat niet mocht. Dan ging de deur aan de buitenkant op slot. Dat werkt nog steeds door… Altijd op zoek naar de uitgang. Vrijheid is voor mij van belang. Iemand die niet luistert, daar ben ik niet lang.

Monique

5 reacties op “Gedachten in Gedichten

  1. Wat er zijn toch veel dingen die zo herkenbaar zijn. Altijd gedacht dat ik zo geboren was….nee dus. Zo gevormd en gekneed. Dankjewel om dit zo treffend met ons te delen Monique

  2. Het is geen feest, is geen feest als je zo opgesloten bent geweest, herken ik …

    Ik kreeg een eigen kamertje in het huis, na de verhuizing, van het strenge gezin.

    Van acht jaar tot twaalf sliep ik daar in, met grote moeite en angsten + paniek !

    Ik was bàng voor donker en schaduwen en er was geen sleutel nodig om in mijn bed te blijven : ik werd terug gemept als ik er uit kwam en kon er blijven brullen en trappelen tot ik er van in slaap viel …

    In de dienst zong ik dan echter dat elk kindergezicht toch blij vriendelijk licht en zo als het zonnetje stralen moest …

    Gedwee …

    Vanaf tien hield ik mijn ouders van mijn lijf en stond ik s’avonds van boven naar beneden te schreeuwen van de woede !

    Toen ik dertien was had ik de kamer van mijn zus, mèt een sleutel veroverd en er kon toen niemand meer binnen komen, eindelijk privacy en alleen, hoewel mijn moeder nog driftig op de deur bonkte …

    De dingen in mijn eentje verwerken was dus belangrijk voor mijn rust en verder :

    Avonturen verhalen + Donald Duck’s …

    Ik had wèl stem, om te roepen, zonder dat er verstandig naar geluisterd werd.

    Echt wel lastig, hoor !

  3. Ik denk dat we als kinderen de cheer – leadertjes van de “lieve” Apostel zijn geweest, dus zo ongelofelijk goed dat het mij eigenlijk vaak angstig maakte.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *